<< Vorige pagina

08 december 2017

Vak-Taal: wat is een kabinet?


 

 

 

 

 

Naar aanleiding van het twintig jaar bestaan van de Nederlands-Vlaamse vereniging voor terminologie, afgekort NL-Term, verscheen vorige maand het boek ‘Vak-Taal’. Waar komt die rare titel vandaan? Wat maakt een taal een 'volledige taal'? En wat was vroeger een 'taelman'? Op deze en nog veel meer andere vragen geeft het boek Vak-Taal antwoorden.

 

 

 

 

 

Vak-taal is de titel die Princelid en NL-Term-voorzitter Willy Martin en Marcel Thelen gaven aan het boek waarin ze de bijdrage van tweeëndertig auteurs bundelen. In het voorwoord lezen we waarom ze voor deze titel hebben gekozen. Ze wilden weergeven dat in die titel twee zaken samenkomen: “Vak en taal, vakkennis aan de ene, taal aan de andere kant …” “Vaktaal is alomtegenwoordig: zij is een onvervreemdbaar en essentieel deel van onze taal, in casu het Nederlands.”

 

Blijven

 

De auteurs vinden dat dit zo moet blijven. “Zó: dat houdt niet in dat wij in Nederlandse vaktalen geen vreemde woorden of leenwoorden (zoals Engelse) zouden mogen gebruiken, in de algemene taal doen we dat immers ook. Wél achten wij het belangrijk dat wij op alle gebieden, over alle onderwerpen met elkaar in onze moedertaal moeten kunnen blijven communiceren. “ Zo blijft het Nederlands een ‘volledige’ taal.

 

Ernst en luim

 

De bijdragen van de diverse auteurs balanceren tussen ernst en luim. Ernst vinden we bijvoorbeeld in de bijdrage van de jurist (en Princelid) Frank Judo. We lezen op pagina 79 van het boekje: “Wie recht wil ontdoen van zijn talige inhoud, zal tot de onthutsende conclusie komen dat wat overblijft … niets is. Het is dus geen toeval dat de verre voorgangers van onze advocaten en procureurs de titel ‘taelman’ droegen. Wie het recht beoefent, hanteert een taal, die we rechtstaal noemen. Zo simpel is dat. … Dat kan inderdaad, als je er als beoefenaar van het recht genoegen mee neemt le droit pour le droit te beoefenen en in een laboratoriumsituatie wil nagaan hoe rechtsbegrippen en rechtsregels zich onderling verhouden. Het wezen van het recht – namelijk het ‘regel-en’, het sturen van menselijk gedrag – blijft dan echter weg. “

 

Dode letter

 

Enkele regels verder lezen we: “Rechtstaal die niet wordt begrepen door de personen die er gevolg moeten aan geven, is gedoemd dode letter te blijven. Van zo’n rechtstaal gaat niet het minste sturend effect uit, zodat je je met recht en rede kunt afvragen of er in die situatie wel sprake is van recht.” Petra De Sutter analyseert op een vergelijkbare wijze geneeskundige terminologie voor vakgenoten onderling enerzijds en voor de communicatie met patiënten anderzijds.

 

Kabinet

 

Met deze en dergelijke invalshoeken illustreren de auteurs dat onzorgvuldig gekozen woorden struikelblokken kunnen zijn. Ze kunnen voor vakgenoten iets anders betekenen dan voor het grote publiek: zo zijn kabinet en regering voor de meeste Nederlanders grofweg synoniem, maar voor Haagse ingewijden allerminst. En in België is een kabinet weer iets heel anders dan in Nederland.

 

Gedicht

 

Luim ervaren we bijvoorbeeld bij het lezen van het gedicht van Gaston Durnez. Alhoewel, alleen maar luim? Oordeel zelf.

 

De Vlaming woont nu in Flanders

In een Loft met een Kitchen en Bar,

Met de Kids van zijn nieuwe Lover

En zijn eigen Nearly New Car

 

Wiskundigen

 

Voor de wiskundigen onder ons zal de tekst van Jean Paul Van Bendegem ernst zijn, bij de ‘gewone’ lezer zal hij een glimlach opwekken, en wellicht ook gefronste wenkbrauwen. Zijn bijdrage begint als volgt. “De getallen 6 en 25 zijn perfect maar niet vriendelijk; dat zijn de getallen 220 en 284 dan weer wel voor elkaar, maar 5 is jammer genoeg noch perfect noch vriendelijk met een ander getal en dus solitair. Wie deze zin leest (en ik vermoed herleest) kan denken dat dit ofwel onzin is, ofwel een vorm van experimentele poëzie. …” Geloof het of niet, maar wat Van Bendegem in deze zinnen beweert, bewijst hij effectief op pagina 151 en volgende.

 

Achterflap

 

Op de achterflap van het boek lezen we: “Wat hebben golfers met juristen gemeen? En wetenschappers met zeilers? En waarom tref je muziekliefhebbers in de buurt van liefhebbers van paardendressuur aan? Dit boek geeft op deze en tal van andere vragen een antwoord.” Het is een boek om binnen handbereik te liggen, met korte opstellen en gedichten om tussendoor te lezen. Daarnaast hebben vijf leden van de Orde van den Prince aan Vak-Taal meegewerkt: Veerle Windels, Christa Weijer, Gaston Durnez, Frank Judo en Willy Martin zelf.

 

Jan Umans

 

 

 

Vlaams cultuurminister Sven Gatz krijgt eerste exemplaar van Vak-Taal

 

Samen met een honderdvijftigtal aanwezigen, onder wie heel wat Princevrienden, werd begin november in Antwerpen het boek Vak-Taal voorgesteld. Dat gebeurde tijdens het twintigjarig jubileum van de Vereniging voor Nederlandstalige Terminologie, afgekort NL-Term, een belangenvereniging opgericht met steun van de Taalunie.

 

Princevriend en NL-Term voorzitter Willy Martin begroette ons en de vele anderen als gastheer handenschuddend, maar met één oog gericht op de deur. De deur waardoor minister Sven Gatz, Vlaams minister van Cultuur, Media, Jeugd en Brussel, en voorzitter van het Comité van Ministers dat het beleid van de Nederlandse Taalunie vaststelt, maar niet wilde binnen komen. Marcel Thelen, vicevoorzitter van NL-Term, heette vervolgens de aanwezigen welkom. Daarna opende Willy Martin zijn inleiding met een kwinkslag en een aangepast welkom aan iedereen, de afwezige minister incluis. De minister kwam ondertussen aan, maar had wel een gedeelte van de inleidende toespraak van Willy moeten missen.

 

Doelen

 

Willy Martin informeerde de aanwezigen intussen over de ontstaansgeschiedenis van de vereniging en over het belang van het bewaken van terminologie, ook in onze Nederlandse taal. NL-Term stelt zich drie doelen: het bevorderen van de samenwerking in het vakgebied, het vertegenwoordigen van de belangen van Nederlandstaligen inzake terminologie en bevorderen van de bekendheid van het vakgebied en het belang ervan binnen het Nederlandse taalgebied.

 

Bier

 

Minister Gatz ging gevat in op het thema en speelde met diverse spreuken die verband houden met bier en brouwerijen (zijn werkveld voordat hij minister werd). Die benaderingswijze leek hem op het lijf geschreven. Het was voor hem blijkbaar ‘klein bier’. Willy Martin mocht aan de minister het eerste exemplaar van het boek, tot stand gekomen door de inzet van velen en financieel ondersteund door de Taalunie, overhandigen.

 

 


Willy Martin geeft Vak-Taal bijna
aan minister Sven Gatz

 

Trots

 

De trots van NL-Term naar aanleiding van dit evenement was volkomen gewettigd en bleek tevens uit de ludieke culturele programmaonderdelen. Van hoog cultureel niveau, guitig en speels, was het optreden van het gemengd a-capellakoor Cantamici uit Leuven, onder leiding van Jan Convents. Frank van Pamelen is dichter, columnist, cabaretier en tekstschrijver. Over het feit dat hij al die eigenschappen in zich verenigt, liet hij tijdens zijn optreden geen twijfel bestaan. Een interactief, speels, hartverwarmend optreden, een spelen met taal.

 


Willy Martin met dichter, columnist, cabaretier en tekstschrijver Frank van Pamelen

 

Receptie

 

Na het slotwoord door voorzitter Willy Martin, genoten we van een zeer verzorgde receptie. Voor de aanwezige Princevrienden van diverse afdelingen was het een gelegenheid om samen na te genieten en elkaar beter te leren kennen. Maar tevens een gelegenheid om niet-leden van de Orde van den Prince te leren kennen. Een mooi voorbeeld ook van hoe samenwerking tussen Noord en Zuid tot een succesvol eindresultaat kan leiden.

 


Willy Martin met Princevriend Stijn Verrept

 

 

Jan Umans

 

 

 

 

 

Vak-Taal, onder redactie van Willy Martin en Marcel Thelen

Amsterdam University Press B.V., Amsterdam

ISBN 978 94 6298 547 6

€ 15,00




Terug naar overzicht »