Gedicht van de maand: Nostos van Nobelprijswinnares Louise Glück

Toen de Amerikaanse dichteres Louise Glück in oktober 2020 de Nobelprijs voor de Literatuur kreeg, was haar naam en werk in onze contreien nauwelijks bekend. Willy Martin, hoofdredacteur van Noord & Zuid, dichter en emeritus professor lexicologie, leerde haar werk sindsdien kennen én waarderen. Hij vertaalde verschillende gedichten van haar.
Dat Louise Glück in 'ons' deel van de wereld tot een paar jaar geleden niet zo bekend was, hoeft niet eens te verbazen. Poëzie is tenslotte een klein (vak)gebied. Ook de namen van Nobelprijswinnaars uit grote domeinen als natuurkunde, scheikunde, geneeskunde en economie zijn bij een ruim publiek meestal onbekend. Hoe dan ook, bij het lezen van de conclusies uit het juryrapport, waarin gewag werd gemaakt van haar universele thematiek (menselijke relaties, verlies, verlangen naar inzicht) en haar eigen stijl (sober, zonder franje, in haast dagelijkse taal), was mijn belangstelling ten zeerste gewekt en ging ik op het internet op zoek naar gedichten van haar.
Parabel
Het toeval heeft gewild dat ik als eerste bij de Parable of the Swans uitkwam. Parabelen gaan altijd over menselijk gedrag, ook als ze ogenschijnlijk over planten, dieren of materiële dingen handelen. Zo was het ook bij de Parabel van de Zwanen. Die parabel is een van de vijfenveertig gedichten uit de bundel Meadowlands (1996). Een bundel met als thema het langzame afbrokkelen, de teloorgang, het uiteenvallen van een huwelijksrelatie tegen de achtergrond van de Odysseusmythe: het vertrek van Odysseus uit en zijn terugkeer naar Ithaka. Mythe en werkelijkheid, fictie en realiteit worden met elkaar verweven en de parabelen fungeren als een koor in een Grieks drama: ze geven een soort van commentaar in de marge bij het gebeuren uit heden en verleden.
Vertaald
Meadowlands bevat negen parabelen die ik alle, samen met Penelope’s Song, Quiet Evening en Nostos in het Nederlands heb vertaald. Nostos is een Oudgrieks woord dat we in het Nederlands nog (her)kennen in nostalgie: het verlangen, het terugkeren naar vroeger. Een behouden, gelukkige terugkeer zelfs, zoals in de Odyssee. Maar bij Glück is niets wat het lijkt. Net zoals bij haar de zwanen elkaar niet eeuwig trouw blijven zoals de mythe het wil (zowel het mannetje als het vrouwtje rijden af en toe een scheve schaats), zo ook is Penelope Odysseus niet trouw gebleven zoals Homerus het voorstelt. Evenzo is de terugkeer naar vroeger iets minder idyllisch, iets minder romantisch dan men allicht had gedacht. Maar Glück oordeelt niet, zij observeert en laat de lezer zelf oordelen. Trouwens, wat weet ik van deze plek? schrijft zij.
Niks blijft onveranderd
Wat Glück wel weet en ons duidelijk maakt, is dit: niks blijft onveranderd. Het beeld dat we van vroeger hebben, moet wijken voor de actualiteit van de dag. Er is een schril contrast tussen het onveranderlijke beeld van ons kind-zijn en wat er sindsdien gebeurd is, hoe ook wij veranderd zijn, gegroeid, geen kind gebleven. Niet voor niets staan de volgende regels uit het gedicht centraal:
Vervanging
van wat niet verandert
door wat wisselt, wat verkeert.
Vervanging van het beeld
door meedogenloze aarde.
Kracht
De kracht van de poëzie van Glück is dat zij deze abstracte boodschap treffend weet te verbeelden: de bloesemende appelboom is vervangen door de gecultiveerde bonsai, het sociale contact met de buren is verdwenen: in plaats van de buurman zijn tuin zijn er nu de tenniscourts. Toch roept dit contrast geen bitterheid op, er is zelfs een lichte, milde vorm van ironie met het soort nostalgie zoals je dat in een lyrisch gedicht verwacht.

Mooiste versregels
Het gedicht begint met wat voor mij de mooiste versregels zijn:
Er stond een appelboom in het gazon –
zo moet dat zijn geweest
veertig jaar geleden – daarachter,
alleen weide.
De kracht van die laatste twee woorden: alleen weide en hoe je met twee simpele woorden kunt aangeven dat alles nog openligt, alles nog anders kan, nog niets definitiefs gebeurd is, wetend dat het niet zo kan blijven, zonder bitter te worden of ongelukkig te zijn.
Hollands Maandblad
De vertaling van Nostos is inmiddels in het bekende literaire tijdschrift Hollands Maandblad verschenen (december 2023, jrg.65, p.39) en ook de elf andere gedichten die ik vertaalde, zijn of zullen daarin worden opgenomen. Ik beschouw het graag als mijn eigen, kleine hommage aan een grote, vorig jaar overleden, dichteres.
NOSTOS
Er stond een appelboom in het gazon –
zo moet dat zijn geweest
veertig jaar geleden – daarachter,
alleen weide. Bosjes
krokussen overal in het natte gras.
Ik stond voor dat raam:
eind april. Voorjaars-
bloemen in de buur zijn tuin.
Hoe vaak eigenlijk bloeide de boom
op mijn verjaardag,
juist op die dag, niet
vroeger, ook niet later? Vervanging
van wat niet verandert
door wat wisselt, wat verkeert.
Vervanging van het beeld
door meedogenloze aarde. Wat
weet ik echter van deze plek,
de rol die de boom had, is al tientallen jaren
door een bonsai opgenomen, stemmen
weerklinken van bij de tennisbanen –
Velden. Geur van pas gemaaid hoog gras.
Zoals je dat in een lyrisch gedicht verwacht.
Wij kijken één keer naar de wereld, als kind.
De rest is herinnering.
Willy Martin
Vertaling van Louise Glück, Nostos (uit: Meadowlands, 1996); gepubliceerd in: Hollands Maandblad, 2023-12).
NOSTOS
There was an apple tree in the yard –
this would have been
forty years ago – behind,
only meadow. Drifts
of crocus in the damp grass.
I stood at that window:
late April. Spring
flowers in the neigbor’s yard.
How many times , really, did the tree
flower on my birthday,
the exact day, not
before, not after? Substitution
of the immutable
for the shifting, the evolving.
Substitution of the image
for relentless earth. What
do I know of this place,
the role of the tree for decades
taken by a bonsai, voices
rising from the tennis courts –
Fields. Smell of the tall grass, new cut.
As one expects of a lyric poet.
We look at the world once, in childhood.
The rest is memory.
Louise Glück, Meadowlands, 1996
Willy Martin
Lid van de afdeling Waals-Brabant, NT&C-gewestcoördinator Maas-Samber-Schelde, hoofdredacteur Noord & Zuid

Voor het meigedicht is genomineerd: Riet Van Eerden van de afdeling Eems-Dollard.
Terug naar de PrincEzine (op de website)? Klik hier.