Twin vergadering met Paul Hermans als spreker
Terugblik
Verslag vergadering Taxandria met Kempen – 27 februari 2026
29 deelnemers van Kempen en 27 aanwezigen van Taxandria waren present op deze gezamenlijke bijeenkomst.
Voorzitter Frankie Vangeel verwelkomt de leden van Orde van den Prince – afdeling Taxandria en de aanwezigen van de zusterafdeling Orde van den Prince – afdeling Kempen op de jaarlijkse gezamenlijke vergadering. In een luchtige en humoristische toon benadrukt hij dat deze bijeenkomst vooral een moment is om elkaar te ontmoeten, bij te praten en ervaringen uit te wisselen. Hij wenst iedereen een aangename en inspirerende avond toe, geheel in de geest van de Orde van den Prince.
Na het voorlezen van de Keure krijgt Rik Wilmots het woord voor de vijfminutenspeech. Hij deelt enkele persoonlijke bedenkingen bij actuele thema’s. Eerst staat hij stil bij de aanhoudende oorlog in Oekraïne. Hij uit zijn bezorgdheid over het feit dat de internationale gemeenschap er niet in slaagt het geweld te stoppen en dat Europa moeilijk tot eensgezinde beslissingen komt. Volgens hem toont dit aan dat de Europese besluitvorming en de energieafhankelijkheid kritisch moeten worden herbekeken.
Daarnaast verwijst hij naar een recente persconferentie met Vincent Kompany over racisme in het voetbal. Rik prijst Kompany voor zijn rustige en duidelijke boodschap dat respect, verdraagzaamheid en vriendschap centraal moeten staan in de samenleving — waarden die ook het leidmotief vormen van onze vereniging.
Na de hapjes en de hoofdschotel – parelhoen met aardpeer en gekonfijte prei – kondigt de voorzitter de gastspreker van de avond aan: Paul Hermans. Als directeur van Literatuur Vlaanderen is hij de ideale spreker om het jaarthema “Hoe staat het Nederlands ervoor?” te belichten.
Hermans benadrukt dat het Nederlands nog steeds een sterke en vitale taal is, met miljoenen sprekers en een belangrijke plaats in cultuur, onderwijs en op het internet. Toch zijn er ook uitdagingen: jongere generaties lezen minder, de leesvaardigheid daalt en het Engels wint steeds meer terrein.
Volgens de spreker speelt literatuur een cruciale rol in het levend houden van een taal. Verhalen verrijken de taal met nuance en verbeelding en stimuleren kritisch denken en empathie.
De werking van Literatuur Vlaanderen steunt op drie pijlers:1. het ondersteunen van schrijvers en vertalers, 2. het versterken van het literaire ecosysteem (uitgevers, organisaties, bibliotheken en boekhandels) en 3. het stimuleren van lezers via leesbevordering. Dit gebeurt onder meer in samenwerking met Iedereen Leest en initiatieven zoals het Vlaamse Leesoffensief en het programma Ieder kind taalheld. Initiatieven zoals voorlezen vanaf jonge leeftijd, toegang tot boeken via bibliotheken en ontmoetingen met auteurs dragen sterk bij aan leesmotivatie en taalontwikkeling.
Een belangrijk voorbeeld is De Boon, een literaire prijs die ook wordt ingezet in het onderwijs. In het project Boon voor Onderwijs lezen leerlingen boeken van de longlist en werken ze er samen met hun leerkrachten rond. Zo stimuleert de prijs niet alleen literair talent, maar ook leesplezier en taalvaardigheid bij jongeren.
Tot slot stelt hij dat de toekomst van het Nederlands afhangt van blijvende investeringen in literatuur, samenwerking binnen het literaire veld en een sterke focus op leesbevordering. Wie investeert in literatuur en lezen, investeert uiteindelijk in de taal én in de samenleving.
Na de lezing volgt een levendige vragenronde over onder meer ontlezing, taalversterking en de rol van het fysieke boek. Hermans benadrukte dat ontlezing een complex maatschappelijk fenomeen is, maar dat lezen en literatuur essentieel blijven voor een sterke taalontwikkeling en voor de toekomst van het Nederlands.
Na het dessert en de koffie volgt de traditionele coda, ditmaal gebracht door ons nieuwe lid Trees Ameloot. Zij werd vorige maand geïnstalleerd en krijgt hiermee haar vuurdoop — een opdracht die zij met glans vervult.
Ze draagt het gedicht Tango voor van Paul van Ostaijen uit 1922. In haar korte inleiding legt ze uit waarom dit gedicht goed aansluit bij de avond. Van Ostaijen was immers een dichter die zich sterk inzette voor het Nederlands als taal en cultuurdrager. Bovendien wil ze met deze keuze tonen dat zijn oeuvre veel breder is dan de bekendere gedichten zoals Marc groet ’s morgens de dingen of De boot die langs de lange rivier vaart.
Het gedicht illustreert twee minder bekende aspecten van Van Ostaijens werk. Ten eerste was hij een avant-gardistische, multilaterale dichter avant la lettre, wat zichtbaar wordt in de bijzondere vormgeving van het gedicht. Om dit te tonen, worden per tafel kopieën van de bladspiegel rondgedeeld zodat de aanwezigen ook de visuele opbouw van de tekst kunnen bekijken.
Ten tweede verwijst het gedicht naar de tango, een muzikale expressie die in 1922 nog weinig bekend was in West-Europa. In die periode werd de tango er vooral als een braver en trager uitgevoerde salondans geïntroduceerd, ver verwijderd van de latere Argentijnse stijl. In het gedicht komen taal, ritme en vorm op een speelse en experimentele manier samen.
Als verrassende afsluiter speelt haar echtgenoot een tangomelodie op de viool, wat zorgt voor een sfeervolle en geslaagde kers op de taart van de avond.
Nadien wordt nog gezellig nagepraat. Zo werd het een geslaagde bijeenkomst waarin taal, literatuur en vriendschap elkaar vonden, geheel in de traditie van de Orde van den Prince.
behoort tot het gewest Schelde-Dommel dat volgende afdelingen omvat:
Kort
Beste vrienden,
Naar jaarlijkse gewoonte zullen we ons in februari aan de tafel verbroederen met onze zusterclub Taxandria. Aangezien Taxandria gastheer is, zal de vergadering niet op de 2de, maar wel op de 4de vrijdag plaats vinden, namelijk op 27 februari.